Vrouwenemancipatie en islam
Niet zal iemand de last van een ander dragen! (Koran 6: 164)

Lezing van dr. Stella van de Wetering gehouden ter gelegenheid van de themadag: ‘Visie van de Islam op de Rechten en Plichten van de Vrouw’, georganiseerd door de stichting Dar al-Arqam op 9 maart 2003 te Amsterdam. 

Wat is emancipatie?

Het woord emancipatie betekent bevrijding en werd vroeger wel gebruikt voor het vrijlaten van slaven. In het Arabisch wordt vrouwenemancipatie vertaald met ‘bevrijding van de vrouw’. Maar waaruit moeten vrouwen nu precies bevrijd worden? Uit een onderdrukkende situatie of positie. Wie bepaalt echter of een situatie of positie onderdrukkend is?

Uiteindelijk zijn er dus geen algemene regels vast te stellen om te bepalen of een vrouw geëmancipeerd is of niet. De ene vrouw voelt zich heel gelukkig thuis met haar man en kinderen en de ander voelt zich gelukkiger met een baan en carrière.

Een moslimvrouw die ervoor kiest een hoofddoek te dragen wordt misschien door haar westerse zuster als onderdrukt of ongeëmancipeerd gezien, maar zijzelf voelt zich wellicht niet onderdrukt door de hoofddoek die zij draagt, maar meer door het label dat haar westerse zuster op haar plakt. Toen eind jaren zestig, begin jaren zeventig het devies van de vrouwenbeweging ‘Baas in eigen buik’ was, was ikzelf enigszins verbaasd, omdat het recht van het ongeboren kind totaal ondergeschikt werd gemaakt aan het recht van de moeder. Wie wordt hier nu onderdrukt? 

Is onderdrukking dan iets dat helemaal niet met objectieve maatstaven is te meten? Men zou kunnen zeggen dat er van onderdrukking sprake is als iemand geen recht wordt gedaan en hij of zij het gevoel heeft niet vrij te kunnen handelen om de eigen levensdoelen te kunnen verwezenlijken. Wat die levensdoelen zijn  bepaalt ieder voor zichzelf en vanuit het perspectief van de islam is de mens geneigd het goede te doen en na te streven om te voldoen aan wat God van ons wil om uiteindelijk in harmonie naar Hem terug te keren. 

Volgens de Koran draagt elke mens de verantwoordelijkheid voor zijn of haar eigen daden. Niemand kan voor hem of haar die verantwoordelijkheid overnemen. 

Op de dag dat elke ziel komt om voor zichzelf op te komen en aan elke ziel vergoed wordt wat zij gedaan heeft. En hun zal geen onrecht worden aangedaan. (Koran 16:111) 

Vrouwenonderdrukking en islam 

Toch heb ik soms het gevoel dat moslimvrouwen door woordvoerders van de islam in een onderdrukkende situatie worden gedwongen. De islam wordt voor hen een kooi, waarin zij niet hun hart kunnen volgen om datgene te verwezenlijken dat God van hun vraagt. Daar waar in de islamitische samenlevingen vrouwenonderdrukking voorkomt, zijn over het algemeen ook vaders, mannen en zonen hiervan het slachtoffer, omdat er een sterke interdependantie tussen mannen en vrouwen bestaat. 

Een bekend item is bijvoorbeeld de beperking van de bewegingsvrijheid van vrouwen. Ik heb ooit een geleerde horen zeggen, dat de beste vrouw is een vrouw, die slechts twee keer in haar leven het huis uit komt, namenlijk met haar huwelijk en bij haar overlijden. Zulke uitspraken maken mij onuitsprekelijk benauwd en boos. Ik vraag mij af voor welk misdrijf een vrouw levenslang opgesloten zou moeten worden? Alleen omdat zij vrouw is? En tegelijk zie ik dan naar analogie het volgende Koranvers voor me: 

En wanneer aan het in de grond gestopte meisje gevraagd wordt voor welke zonde zij gedood werd? (Koran 82:8-9). 

Dit vers is een zeer terechte aanklacht tegen het gebruik uit de tijd vóór de openbaring van de Koran om pasgeboren meisjes levend te begraven, wanneer men ontevreden was over het geslacht van de pasgeborene. Een soort postnatale abortus dus.  

Maar laten we de extreme standpunten laten voor wat zij zijn en ons buigen over de situatie van moslimvrouwen in Nederland. De Marokkaanse vrouw aan wie verteld wordt dat haar plaats binnenshuis is, waardoor zij geen effectief toezicht kan uitoefenen op de situatie van haar kinderen. En zij met wringende handen moet toezien hoe het misgaat. Dit hoewel er in de bronnen genoeg teksten zijn aan te wijzen, waaruit blijkt, dat de vrouw zich vrij buitenshuis moeten kunnen bewegen en dat dat zelfs haar plicht is zolang zij zich niet begeeft in verboden praktijken en haar veiligheid redelijkerwijs gewaarborgd is. 

Een tweede probleem is het gezag dat de echtgenoot over zijn echtgenote uitoefent en de gehoorzaamheid die zij aan hem verschuldigd is.

Veel geleerden betogen uitvoerig over het gezag dat de man in de islam heeft over zijn vrouw en de gehoorzaamheid die zij hem verschuldigd is in ruil voor de onderhoudsplicht die hij voor haar heeft. Wanneer men dit item benadert vanuit de Koran zelf kan men echter ook tot andere conclusies komen.

Op het volgende vers wordt het gezag van de echtgenoot over de echtgenote gebaseerd: 

De mannen zijn de onderhouders en beschermers van de vrouwen, waarvoor God de een heeft begunstigd boven de ander, en voor wat zij uitgeven van hun bezittingen... (Koran 4:34) 

Gezag is in de islam echter nooit absoluut en heeft te maken met het inzicht dat de een boven de ander heeft. Moet een vrouw bijvoorbeeld haar man gehoorzamen als blijkt dat de beslissing die hij neemt gebaseerd is op onwetendheid en indruist tegen haar eigen belang of dat van haar kinderen? Stel dat de moeder het noodzakelijk vindt dat het kind een dokter bezoekt en de vader vindt dit onnodig? Het lijkt toch onlogisch dat een vrouw in dat geval haar man zou moeten gehoorzamen! Maar wat is dan het nut van een algemene oproep aan vrouwen om hun man te gehoorzamen? 

In de Koran wordt de mens in sommige gevallen zelfs opgeroepen om zijn of haar ouders juist niet te gehoorzamen. 

… Zeg Mij en uw ouders dank, tot Mij is de terugkeer. Maar als zij proberen u iets met Mij te laten vereenzelvigen, waarvan gij geen kennis hebt, gehoor­zaam hen dan niet. Maar leef met hen samen in de wereld op een behoorlijke wijze en volg de weg van hem die zich tot Mij richt... (Koran 31:14)

In het volgende vers wordt weliswaar aangespoord tot gehoorzaamheid. Er is echter sprake van een duidelijke hiërarchie in gehoorzaamheid: 

Gehoorzaam God en de gezant en de gezagsdragers onder u. (Koran 4:59)

Gehoorzaamheid aan God is vanzelfsprekend. Hij is immers alwetend. Gehoorzaamheid aan de gezant evenzeer. Hij heeft immers door de Goddelijke openbaring voldoende kennis en inzicht meegekregen om zijn gezag waardig te zijn. Overige gezagsdragers zijn zij die dat verdienen op grond van hun kennis en hun inzicht. Kennis en inzicht van mensen is echter niet absoluut. Daarom is gehoorzaamheid aan hen altijd gerela­teerd aan gehoorzaamheid aan God en is uiteindelijk slechts aan God absolute gehoorzaamheid verschuldigd. Een vrouw moet goed naar haar man luisteren om vervolgens de beslissing te nemen in het kader van haar eigen verantwoordelijkheid zoals zij die van God heeft gekregen en zo moet ook de man goed naar zijn vrouw luisteren om vervolgens de beslissing te nemen in het kader van zijn eigen verantwoordelijkheid zoals hij die van God gekregen heeft. 

Zo blijkt bij een actieve bestudering van de teksten door ondermeer vrouwen, dat aan vrouwonderdrukkende interpretaties van deze teksten nogal wat valt af te dingen. 

Inspirerende teksten in Koran en hadieth 

Naast deze vrouwonderdrukkende interpretaties van sommige teksten in Koran en hadieth zien wij ook talloze inspirerende teksten. De tijd en ruimte ontbreekt om die hier nu allemaal op te sommen, dus u zult genoegen moeten nemen met enkele, die ik voor u heb uitgekozen. 

Vanuit teksten in Koran en Hadieth valt op te maken dat God de relatie van man en vrouw in het huwelijk heeft bedoeld als een relatie van wederzijds respect, liefde, vertrouwen en het zich veilig voelen bij elkaar. Zo'n relatie schept een veilige en vertrouwde omgeving, waarin kinderen kunnen opgroeien en volle­dig tot ontplooiing kunnen komen. Hieronder volgen enige teksten uit Koran en Hadieth: 

God de Verhevene heeft gezegd: 

Tot Zijn tekenen behoort dat hij uit uw midden partners heeft geschapen om rust bij te vinden en hij heeft tussen jullie vriendschap en erbarmen doen ontstaan. (Koran 30:2)

Toegestaan voor jullie in de nacht van het vasten is het hebben van gemeenschap met jullie vrouwen. Zij zijn bekleding voor jullie en jullie zijn bekleding voor hen. (Koran 2:187) 

Uit Bukhari overleverd door Aïsha (r):

Die heeft gezegd dat de profeet (s) in haar schoot leunde, terwijl zij ongesteld was en dat hij de Koran reciteerde. 

En nog een uit Bukhari van Aisha (r):

Die heeft gezegd: Wij gingen op weg met de boodschapper van God (s) en wij hadden het steeds over de bedevaart. Toen wij echter bij Saraf aangekomen waren werd ik ongesteld. De profeet (s) kwam bij mij binnen terwijl ik zat te huilen en hij zei: ‘Wat heeft je aan het huilen gemaakt? Ik zei: Ik wilde bij God dat ik dit jaar maar niet op bedevaart gegaan was. Hij zei: Ben je soms ongesteld geworden? Ik zei: Ja. Hij zei: Dat is nu eenmaal iets dat God aan de dochters van Adam heeft opgelegd. Doe alles wat de Bedevaartganger doet, maar loop niet rond het Huis tot je weer rein bent. 

Deze teksten zijn volgens mij op geen enkele manier te rijmen met de opvatting dat de man een machtspositie boven zijn vrouw heeft, omdat een machtspositie gelijkwaardigheid, zich veilig voelen bij elkaar en intimiteit uitsluit. 

Conclusie 

Uit het bovenstaande valt dus af te leiden: 

1. Dat emancipatie binnen de islam niet alleen een recht is van de vrouw, maar zelfs een plicht, omdat zij haar levensdoelen conform Gods wil moet trachten te verwezenlijken.

2. Dat in de bronnen teksten voorkomen die door geleerden in heden en verleden soms vrouwonvriendelijk of vrouwonderdrukkend worden uitgelegd. Een vrouwvriendelijke herinterpretatie van de bronnen is daarom van belang om obstakels op de weg van de emancipatie van vrouwen én mannen weg te nemen.

3. Dat in de bronnen veel teksten te vinden zijn die vrouwen inspireren om hun eigen weg in het belang van hun eigen emancipatie en die van anderen (hun mannen) te gaan.

Zie ook http://www.islamenburgerschap.nl/moslima2.html